Uit ons kerkblad 'Op Weg'. Meer lezen? Zie adressen - kerkblad

Want alzo lief heeft God de wereld gehad...

Bij deze woorden uit Johannes 3:16, in de vertaling van de NBG 1951, moet ik altijd direct aan de trein denken. In de jaren dat ik met de NS reisde zag ik op de perrons namelijk steevast deze woorden op een reclamebord, betaald door een of andere godsvruchtige genootschap. Het vervolg kan ik ook wel dromen... dat Hij zijn eniggeboren Zoon gegeven heeft, opdat een ieder die in Hem gelooft, niet verloren ga, maar eeuwig leven hebbe. De gedachte is mooi, God stuurt uit liefde zijn zoon om ons mensen te redden. Voor velen is het de kern van hun geloof. Maar als je er wat langer over nadenkt komen vanzelf de vragen. Betekent dit dus dat wie niet in hem gelooft verloren gaat? Ons Bijbelgedeelte lijkt het wel te impliceren. Kijk maar naar vers 18. Daar lezen we dat wie niet gelooft, zichzelf buiten sluit, reeds is veroordeeld. Er schuilt dus een adder onder het gras van Gods liefde. Alleen wie in Hem gelooft mag zich er in verheugen.

Het is dreigende taal die vaker in de bijbel opduikt, zowel in het Oude als in het Nieuwe Testament. U kent de zinsneden vast wel: De goddeloze en wetteloze zal vergaan. Alleen wie de naam des Heren aanroept zal gered worden, voor de anderen rest slechts geween en tandengeknars in de buitenste duisternis. Wat moet je hier nou mee, met dat scheiding aanbrengen tussen schapen en bokken, gelovigen en ongelovigen? Ik hoor bij mezelf en anderen al de vragen die dit oproept: hoe zit het dan met mijn ongelovige buurman, zo’n doodgoeie man of mijn kinderen, ze geloven niet meer maar ze doen zoveel goeds voor hun medemens? Is God zo wreed om hen allemaal verloren te laten gaan puur en alleen omdat ze niet de juiste keuze hebben gemaakt?

Persoonlijk kan ik me niet kan voorstellen dat God alleen maar kijkt naar het labeltje gelovig of niet. Hoe iemand geleefd heeft lijkt mij toch veel belangrijker dan of je wel of niet Jezus belijdt. Aan de vruchten herkent men immers de boom. Mag je zo denken? Ik meen van wel. Ik zie God als iemand die ons uitdaagt om zelf onze mening te vormen. Niet klakkeloos alles maar aannemen wat in de bijbel geschreven staat, maar al zoekend tot je eigen antwoord komen.

Alzo lief heeft God de wereld gehad. Dat spreekt mij aan. Ik zie God inderdaad als iemand die met ons begaan is ongeacht of we nou in hem geloven of niet. Het buitensluiten van mensen kan ik met die liefde niet verenigen. Ik houd het wat mijn geloof betreft dus maar op de titel van deze overweging en niet op het vervolg. Dat zou mijn antwoord zijn op Gods uitdaging. Ik ben heel benieuwd naar het uwe. Laat het me weten via de mail, telefonisch of anderszins. Ik wens u een goede zomer.

Alzo lief heeft god de wereld gehad: de antwoorden

In mijn overweging in het vorige nummer van Op Weg ging ik in op de vraag of mensen die niet in God geloven en toch hun naaste liefhebben verloren gaan.

Aan het slot van mijn stuk vroeg ik om reacties. Wel die zijn gekomen in grotere getale dan ik ooit eerder heb meegemaakt in Uithoorn. Telefonisch, schriftelijk en via de mail, maar ook werd ik aangesproken na afloop van de kerkdienst. Een aantal reacties waren aanleiding tot een pastoraal bezoek. Met al die reacties ben ik blij, want dan merk je dat je epistels gelezen worden en dat je ze dus niet voor niets schrijft. Allereerst kwamen de schapen over de dam die zich in mijn stelling name herkenden. Het is nu eenmaal makkelijker te zeggen dat je het ergens mee eens bent, dan dat je er vragen bij hebt. “Wat moedig dat u dat opschrijft, ik heb het altijd al gedacht’’, zo reageerde iemand. Wat later kwamen de meer kritische reacties. ‘’Het oordeel is aan God alleen en niet aan ons mensen’’, zo klonk het. Eén uitkomst wil ik u zeker niet onthouden. In een van de gesprekken opperde iemand dat het verhaal van de Barmhartige Samaritaan een antwoord zou kunnen vormen op de vraag die ik stelde. De Samaritaan is immers een heiden en juist hij wordt door Jezus als voorbeeld van geloof aangemerkt. Met andere woorden wie zijn naaste liefheeft mag zich zo wie zo in Gods gunst verheugen. Wie weet kan u dat verder helpen, mij heeft het in ieder geval geholpen. Naast de reacties die ik mocht ontvangen viel het me ook op dat mijn overweging aanleiding had gegeven tot het geloofsgesprek onderling. Ouders vroegen hun kinderen wat zij ervan vonden en een zuster haar broer. Een onbedoeld gevolg dat mooi aansluit bij het jaarthema van onze gemeente. De diversiteit in reacties laat iets zien van de veelkleurigheid van onze kerk en de ruimte die wij elkaar gunnen om op onze eigen manier te geloven. Iets om trots op te zijn in onze vaak zo gepolariseerde tijden. Mocht u nog willen reageren dan kan dit alsnog. U weet mij wel te vinden.

ds. Harold Oechies

www.pkn-uithoorn.nl/kerkblad