Uit ons kerkblad 'Op Weg'. Meer lezen? Zie adressen - kerkblad

Een vaste burcht – bij ‘hervormingsdag’

Er is ook een reactie op dit artikel >

Dit jaar valt 31 oktober, ‘hervormingsdag’, op een zondag. Heeft die dag nog iets te betekenen? De kerkorde van onze kerk, ook de nieuwste, meent van wel en constateert droog: De kerk gedenkt de dag van de kerkhervorming (art. VII lid 3).

Is het nou niet beter om dat stiekem te laten zitten? De oecumene ligt ons toch na aan het hart, we vierden net enthousiast de veertigste verjaardag van de Raad van Kerken. Liever dan wat ons scheidt willen we benadrukken wat ons bindt. De kerken worden kleiner, en als ze al willen dat hun stem nog gehoord wordt in de samenleving zal dat toch samen moeten. Bovendien, die kerkhervorming is toch een oude kwestie, een breuk van eeuwen terug. Niet voor niets spreekt de kerkorde van ‘gedenken’ en niet van vieren, zoals bij de zondag en de andere feestdagen. Willen wij wel herinnerd worden aan een stukje treurige kerkgeschiedenis, van manifesten, excommunicatie, brandstapels en martelaars over en weer? Of, recenter maar even pijnlijk, aan kerkscheuringen in onze tijd, of aan de gesloten groepen, het elkaar voorbij lopen? De hardheid waarmee kerken en kerkmensen tegenover elkaar stonden heeft er vaak toe geleid, dat mensen totaal met kerk en geloof gebroken hebben. Die tegenstellingen willen we niet meer, niet alleen omdat de kerken kleiner worden maar vooral uit de oprechte wens elkaar als medechristenen te (h)erkennen.

Maar betekent dat, dat we het verhaal van de kerkhervorming moeten vergeten en Luther en zijn 95 stellingen overlaten aan de geschiedenisboekjes? Ik denk het toch niet. Zonder op de trom van de eigen identiteit te willen roeren, denk ik dat het goed is om je eigen geschiedenis niet te vergeten: daar kom je vandaan, daar zit de visie achter waaruit die kerk al die eeuwen leefde.

Voor mij is kerkhervorming eerder Luther dan Calvijn. Ook ‘Calvijns’, systematische geesten, zijn soms nodig, maar het ongepolijste van Luther raakt me meer. Wat hij durfde: opnieuw luisteren naar het Woord van God, daaraan gehoorzamen, dat radicaal volhouden tegen alle tegenstand in, vertrouwend dat het goed zou komen – dat getuigt van lef, geestkracht, en vertrouwen.

Wie de kerk zó durft te verbouwen als hij deed, is niet bang uitgevallen. Niet alleen niet bang voor tegenstand van buiten – die er genoeg was – maar ook niet bang voor jezelf, om los te laten wat je dierbaar is. Zou hij nooit eens terugverlangd hebben naar de stijlvolle monnikenliturgie, in plaats van het plat-Duits van zijn gemeentezang? Daar moet ik aan denken, wanneer wij tobben over veranderingen in de liturgie, verlies van wat vertrouwd was.

Die reformatietijd moet een opwindende tijd geweest zijn. Alles lag open, er moesten grote beslissingen vallen. Het moest anders, omdat het instituut eerder sta-in-de-weg was geworden dan behulpzaam voor het leven van mensen met God. We hoeven het achteraf niet met al die keuzes van toen eens te zijn om toch bewondering te kunnen hebben voor het elan en de geestkracht die daaruit spraken.

Spannende vraag: wat leren we ervan voor nu? Zitten we ook in zo’n tijd die vraagt om nieuwe wegen, radicale stappen? Of doen we er verstandiger aan, maar even de kou van de ontkerkelijking te verduren en te wachten op een nieuwe lente? Ik hoor graag eens uw antwoord!

Ds. Joep Dubbink

/\

Reactie op het artikel van Joep Dubbink over Hervormingsdag

Joep vraagt zich af: moeten we in de kou van de huidige ontkerkelijking opnieuw (zoals Luther) radicale stappen durven te zetten of moeten we maar even rustig afwachten in de hoop op een nieuwe lente?

Mijn reactie: laten we als christenen voorlopig maar heel bescheiden zijn. Het beeld van onze kerken in de wereld laat grote verdeeldheid zien en waar er radicaliteit is gaat die vaak in richtingen waar ik grote twijfels bij heb. Wat is, vanuit het geloof, nog echt zekerheid?

Gelukkig weten wij inmiddels dat de onze bijbel ook maar mensenwerk was en dat veel oude dogma’s waarmee we elkaar vroeger bevochtten op eigen interpretaties berusten. En al lezend en luisterend weten we steeds beter dat de kern van O.T. en N.T. is en blijft de boodschap van bevrijding: wij in staat gesteld om op eigen wijze werkelijk mens te zijn met eigen verantwoordelijkheid. Hoe dat handen en voeten te geven: Jezus heeft ons dat voorgeleefd. Liefde voor elkaar in woord en daad; vredestichter er rechtvaardige zijn.

Natuurlijk voel je, ouder wordend, teleurstelling over wat christenen er in de loop van de eeuwen van gebakken hebben. Dat geloof bij velen geen rol meer speelt en materiële zaken vaak het leven beheersen: je zou het anders willen. Maar er zijn ook positieve zaken. Gemeenteleden vanuit de kerk zeer maatschappelijk betrokken en actief bezig. Als het om wereldvrede gaat is er – ondanks alle mankementen – veel bereikt. En overal in de wereld zie ik mensen die – gelovig of niet - de boodschap van Christus wel degelijk gestalte proberen te geven. Er is gelukkig meer gaande dan de kranten doen vermoeden.

Laten we, ook in Uithoorn, maar gewoon een werkende, lerende en luisterende gemeente blijven. Misschien wordt de christelijke boodschap dan weliswaar wat meer bescheiden, maar wel meer overtuigend. En zou die zelfs nieuw elan kunnen oproepen.

Job Dienske

/\

www.pkn-uithoorn.nl/kerkblad