Meditatie uit kerkblad Op Weg

Jona in quarantaine

Mijn ‘examenpreek’ op grond waarvan ik tot het predikantsambt werd toegelaten, ging over Jona 2, het gebed van Jona in de buik van de vis. Waarom ik juist nu op die tekst terugkom, ligt voor de hand: ook Jona zit in afzondering. Weliswaar is het bij hem zijn eigen schuld, maar de overeenkomst blijft treffend.

Wat Jona doet, is bidden. Zijn ellende moet hij uiten. Goed idee trouwens, niet krampachtig je groothouden. Of zeggen ‘ik red me wel’ als je eenzaam, verdrietig of angstig bent. Nee, zeg het maar, uit het maar. Het is ook ellendig, die voortdurende berichten van ziekte en dood. Omdat Jona alleen is, is er niemand anders om tegenaan te praten dan God. Dus hij bidt.

‘Nood leert bidden’, zeggen ze. Dat kan, maar evengoed kan nood je verbitterd maken en wegdrijven van geloof en gebed. Maar als je wilt bidden, dan helpt het wel als je nog weet hoe je dat ooit deed, samen, in de eredienst, in de tempel. Dáár leer je bidden, daar leer je vertrouwen, daar leert de liturgie je om vol te houden ook in tijden dat het tegen zit, érg tegen.

Wat Jona bidt is dus nauwelijks origineel, zo hebben nijvere bijbellezers wel in de gaten: bijna al zijn woorden komen uit het liedboek van die tijd, de Psalmen. Wat hij doet is trouwens méér dan alleen zijn ellende uitschreeuwen: hij herinnert zich ook, hoe het was in betere tijden. De vertalingen verschillen compleet: in de Willibrordvertaling is Jona wanhopig: ‘Hoe zal ik ooit nog uw heilige tempel aanschouwen?’ In de Nieuwe Bijbelvertaling is hij vol vertrouwen: ‘Eens zal ik opnieuw uw tempel aanschouwen’. De waarheid lijkt in het midden te liggen: ‘Toch blijft mijn blik gericht op uw heilige tempel’.

Jona is drie dagen en drie nachten in de vis. Dat valt mee, denkt u, want u zit al veel langer in quarantaine. Ik zou niet met hem willen ruilen, maar vooral denk ik dat ‘drie dagen’ iets te betekenen heeft. Na drie dagen is er toekomst, leven, licht. Na drie dagen staat Jona weer op ‘het droge’, een soort codewoord voor ‘de plek waar leven mogelijk is’ (al in Genesis 1:9). Na drie dagen stond Jezus op uit de dood, schept hij toekomst, nieuw leven, waar alle kansen daarop verkeken leken.

Pasen vieren is dit jaar totaal anders dan we ooit deden. Laat het een heugelijke paasviering zijn, die ons allen moed en hoop geeft. Gezegend paasfeest!

Ds. Joep Dubbink