Omzien naar elkaar

Het ABCD van ‘ik leef met je mee’

 

Gids voor onderling pastoraat’ PKN Dienstencentrum

ABCD van pastoraat

D van Duurzaamheid

Pastoraat werd in vorige stukjes met drie kernwoorden beschreven: aandacht, betrokkenheid, en ‘in Christus’. Het vierde en laatste kernwoord is: duurzaamheid. Dat woord is tegenwoordig helemaal in: we gebruiken het voor een goede omgang met de schepping, met de planten- en dierenwereld en de natuurlijke hulpbronnen. Duurzaam wil zeggen: gericht op de lange duur, bestendig. Samen zó leven dat het kan dóórgaan, dat de aarde het aankan.

In het pastoraat gebruiken we het woord duurzaamheid precies zo. ‘Duurzaam pastoraat’ betekent dat je investeert in contacten. Het gaat om blijvende relaties. Ook een vluchtig, eenmalig pastoraal contact kan soms waardevol zijn, maar pastorale zorg probeert mensen vast te houden en er te zijn wanneer het nodig is: je kunt erop terugvallen. Daarin weerspiegelt pastoraat, dat immers ‘herderlijke zorg’ betekent, de zorg van de Ene Herder die het al zo lang met ons volhoudt. ‘Want zijn goedertierenheid / zal bestaan in eeuwigheid’, zingt Psalm 136 in eindeloze (duurzame!) herhaling.

De keerzijde is, dat diezelfde zorg, ‘hoe houd je het vol?’ ook geldt voor degene die pastoraat aanbiedt. Pastorale zorg is veelal ‘geven’, vooral van aandacht en tijd, en dat kost energie. Hou je dat blijvend vol? Soms vergeten we die kant van het verhaal. Als mensen een beroep op ‘de kerk’ doen, aandacht verwachten van ‘de kerk’, dan hoort daar wel het besef bij dat die kerk uit mensen bestaat. Veelal vrijwilligers, vaak met grote inzet en betrokkenheid, maar ook met menselijke beperkingen.

Duurzaam pastoraat is dus een uitdaging naar twee kanten: hoe geven we blijvende aandacht en hoe blijven de vrijwilligers er zelf bij overeind. Dat geldt zeker wanneer de gemiddelde leeftijd in de gemeente stijgt, en tegelijk ook de leeftijd van de vrijwilligers. In de komende tijd gaan we zoeken naar manieren om te zorgen dat vrijwilligers niet overvraagd worden en dat ze het kunnen volhouden. Daar hoort een gesprek bij over verwachtingen en taakverdeling. Belangrijk is ook, dat vrijwilligers hun taak met een gerust hart kunnen neerleggen als ze ervaren dat het genoeg is geweest. Ook dat is duurzaamheid: weten van genoeg.

ds Joep Dubbink

ABCD van pastoraat

C van Christelijk

In de serie over wat pastoraat eigenlijk is, deze keer de C. Pastoraat, u weet het misschien nog, is meeleven, maar dat kon je herkennen aan vier elementen: Aandacht en Betrokkenheid waren de A en de B, de C valt mij toe: ‘gemotiveerd door geloof in Christus, al of niet expliciet gedeeld’ – Christelijk, toe maar!

Is een gesprek pas pastoraal als geloof of bijbel, God of Jezus ter sprake zijn gekomen? Nee, zegt de zin hierboven: ‘al of niet expliciet’.

Het mooie van een pastoraal gesprek is de vrijheid die er heerst: niets hoeft. Behalve echte aandacht voor de ander. Praten over geloof is geen ‘must’. Soms kun je juist door praten over een geloofsonderwerp jezelf en je eigen geloof en twijfel handig buiten spel houden. Zowel bezoeker als bezochte kan het overkomen, dat je gaat debatteren of overtuigen. ‘Wat is het nu, schepping of evolutie?!’ Is dat een wezenlijke vraag waar iemand mee worstelt, prima. Maar de meesten van ons zitten met andere vragen: is God er? Ook voor mij? Hoe merk ik iets van Hem? Wat mag ik hopen? Hoe bid ik?

Er hoeft niks, maar er kan veel! In een pastoraal gesprek kan zomaar geloof, twijfel, ja God aan de orde komen en dat is dan niet gek. Wat je misschien niet durft met een onbekende, of met een al-te-bekende, een familielid of vriend waar je nog mee verder moet, dat kan in een pastoraal gesprek: vragen of bidden iets uithaalt, of er vergeving is voor iets waar je mee zit, of je mag geloven dat er na de dood iets doorgaat. Een lied dat je geraakt heeft, een tekst waarvan je van slag bent, ze kunnen zomaar naar voren komen. Antwoorden zijn er lang niet altijd, maar erover praten levert vaak al iets op: een nieuw inzicht of het besef, er niet alléén mee te zitten.

Geloofsgesprek hoeft niet altijd. Soms is het genoeg van elkaar te weten dat je samen hoopt, gelooft, bidt, en daaraan kracht ontleent. Want dat is altijd de veronderstelling: dat je op dat vlak iets deelt, hoe verschillend je ook bent.

Tenslotte: ‘in Christus’ zegt mij meer dan ‘christelijk’. Dat laatste is zo’n etiket, zo pretentieus. ‘In Christus’ betekent voor mij: kwetsbaarheid. Even kwetsbaar als Hij was, die zich gaf, alles, tot zijn leven aan toe, in liefde. Als pastoraat daar een klein beetje van kan laten zien – dat zou mooi zijn.

ds Joep Dubbink

ABCD van pastoraat

B van Betrokkenheid

Het blijft een zwaar woord: pastoraat. Want wanneer durven we te zeggen dat we een pastoraal gesprek hebben gevoerd of pastorale zorg hebben geboden? Het klinkt zo pompeus en allesbehalve alledaags. Even vragen hoe het met iemand is als je elkaar tegenkomt bij de supermarkt. De buurjongen sterkte wensen met zijn examen en een doosje drop brengen als je zijn tas aan de vlag ziet hangen. Is dat pastoraat of gewoon betrokkenheid?

In deze rubriek bespreken we de elementen waaraan je pastoraat kan herkennen. Het Dienstencentrum van de landelijke kerk noemt er vier; het ABCD van het pastoraat. De vorige keer stonden we stil bij aandacht. Vandaag is betrokkenheid aan de beurt.

Aan alles zit een verhaal, zegt de oude dame die mij haar schatten toont.
Ze heeft ze verzameld in een schoenendoos en vraagt mij die met haar door te kijken.
Ze ziet er tegen op dat alleen te doen; ze wordt er verdrietig van.
Haar verhaal loopt ten einde en kent, volgens haar, geen goede afloop.
Niemand zal haar missen, zal rouwen om haar dood.

Ze is als enige overgebleven van een gezin van tien.
Zelf heeft ze geen kinderen gehad. Wel voor velen gezorgd.
Neefjes, nichtjes, buurkinderen: ze heeft op ze gepast, met ze gespeeld, hen geholpen waar en wanneer ze kon.
Nu ziet ze bijna niemand meer. ‘Zo gaat dat in het leven’, zegt ze: ‘het gaat allemaal voorbij’.

Eén voor één halen we de spullen uit de schoenendoos.
Foto’s, tekeningen, geboortekaartjes, het trouwboekje van haar ouders.
Ze koestert ze met haar handen, haar ogen lichten op als ze haar herinneringen vertelt.

Door de verhalen komt ze zelf tot leven, zie ik wie ze is geweest:
wat een schat van een mens…

Wij zullen u missen, zeg ik.

‘Betrokkenheid is emotionele verbinding’, lees ik ergens. Dat spreekt me aan. Betrokkenheid is kiezen om mee te leven. Om je aan iets of iemand te binden. Je te laten raken. En in beweging te komen. Marinus van den Berg verwoordt het zo:

Niet onverschillig

Jij die
niet onverschillig blijft,
jij maakt het verschil

Jij die
niet toekijkt maar mij aankijkt,
jij maakt het verschil

Jij die
doet wat je belooft
jij maakt het verschil

Jij die
laat merken dat je aan mij denkt
jij maakt het verschil

Jij die
niet zegt: ieder voor zich en God voor ons allen
jij maakt het verschil

Jij die
met mij in de moeite van de onmacht blijft
jij maakt het verschil

Namens de werkgroep Pastoraat,
ds Caro Houtkoop
P.S.
Wat zou het leuk zijn als u door middel van een telefoontje, een briefje of een mailtje naar uw ouderling, contactpersoon of predikant zou reageren op deze rubriek!

ABCD van pastoraat

A van Aandacht

Hoe organiseren we het pastoraat in onze gemeente. Met die vraag ging een kleine werkgroep aan de slag. Al snel ontdekten we dat het gesprek over wat we eigenlijk bedoelen met ‘pastoraat’ eerst gevoerd moest worden. Want wanneer noem je nu een ontmoeting pastoraal? En waar moet een gesprek aan voldoen om het pastoraat te noemen?

We vroegen het aan een aantal contactpersonen, toen we elkaar eindelijk weer in levenden lijve mochten ontmoeten. De antwoorden waren verrassend divers. De één ervaarde het bezoekje dat hij bracht als “gewoon een beetje aandacht schenken”, de ander zei dat ze met een kaartje of een bloemetje wilde laten merken “dat de kerk naar je om kijkt”. Sommigen vertelden dat ze al jarenlang bij de mensen uit hun wijk betrokken waren én werden. Anderen gaven aan dat ze nooit verder kwamen dan een kort praatje aan de deur, maar dat dat toch ook een soort band gaf. Het werden mooie gesprekken over een woord dat we in de kerk vaak gebruiken: Pastoraat. We merkten dat de meesten het wel een zwaar woord vonden. Beladen met allerlei verwachtingen. Bijvoorbeeld dat je een ambt moet vervullen om van pastoraat te kunnen spreken. Of dat het geloof dan toch op z’n minst even ter sprake moet zijn geweest.

Onlangs kwam bij het Dienstencentrum van de landelijke kerk in Utrecht een ‘Gids voor onderling pastoraat’ uit. De schrijvers van deze gids zeggen dat je pastoraat kunt herkennen aan vier elementen. Waar aandacht is voor elkaar en waar mensen betrokken willen zijn bij elkaar. Waar mensen elkaar (in navolging van Christus) zien als naaste en men probeert langdurig met elkaar verbonden te blijven. Ze noemen dat het ABCD van “ik leef met je mee”.

Jesse de Bruin, die hier stage liep, had ons al iets verteld over dit ABCD en volgens hem hielp het niet alleen om pastoraat te herkennen maar ook om er nieuwe vormen voor te vinden. En daar zijn we altijd voor in!

Vanaf september kunt u in Op Weg een nieuwe rubriek verwachten. Over pastoraat in de praktijk. Hoe doe je dat: echt aandacht schenken? Hoe is het om aandacht te krijgen? Hoe laat je merken dat je bij iemand betrokken wil zijn en moet dat altijd wederkerig zijn? Iedere maand een stukje. Met een verhaal of een gedicht erbij. Als illustratie bij wat we bedoelen.

In de stilte hoor je de roep van je ziel.
Het gebeurt in stilte.

De heling, de inzichten, het zacht stromen van mijn geluk.
Het gebeurt in stilte.

Zien hoe mijn patronen veranderen, hoe mijn emoties meebewegen en mijn reacties verzachten.
Het gebeurt in stilte.

Genieten van wat er is en uitkijken naar wat nog komen gaat.
Het gebeurt in stilte.

Dat ik aanschouw wat er gebeurt in m’n binnenste:
daar waar vroeger deining kwam, is het nu rustig en stil.
Het gebeurt in stilte.

Dat ik kan kijken naar alles wat er om mij heen gebeurt en dat ik opmerk dat mijn automatische reactie uitblijft. Ik hoef niets te redden, ik hoeft niets op te lossen, ik hoef niets beter te maken.
Het MOET niet meer.

En vanuit een plek van ‘niet moeten ’voel ik de ene impuls na de andere, komt het ene idee na het andere, stroomt de inspiratie als nooit tevoren.
En ik geniet ervan.
In stilte.
Het gebeurt in stilte.

Dat ik geniet van de schoonheid van dit moment.

Bron Divera van der Elst

Namens de werkgroep Pastoraat,
ds Caro Houtkoop

 

Lees ook nog

Pastoraat in praktijk

terugblik Wijkbijeenkomsten